PODCAST · religion
Leven in overvloed | 365x – Alistair Begg
by Geloofstoerusting
‘Leven in overvloed’ is een dagboek met korte, bijbelgetrouwe overdenkingen die helpen om elke dag gericht te blijven op Gods genade en trouw. In heldere woorden wijst Alistair Begg de weg naar het evangelie en naar een leven van geloof in het alledaagse.Een betrouwbare en bemoedigende gids voor wie dagelijks wil lezen, nadenken en groeien.
-
165
Overwin het kwade | Romeinen 12:21
‘Word niet overwonnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede.’ Het kwaad wordt niet verslagen door meer kwaad. Christus wijst een andere weg: die van liefde, zelfbeheersing en goedheid. Waar mensen het recht in eigen hand nemen, groeit de duisternis. Maar waar Gods genade zichtbaar wordt in woorden en daden, verliest het kwaad zijn macht. Zo wijst een leven van gehoorzaamheid heen naar de overwinning van Christus.
-
164
Liefde in actie | Romeinen 12:20
‘Als uw vijand honger heeft, geef hem te eten.’ Het evangelie roept op tot een verrassende reactie op vijandschap. Niet wraak, maar goedheid. Niet vergelding, maar liefde in actie. Wanneer we onze vijanden weldoen, weerspiegelen we iets van Gods genade, die ons liefhad toen wij nog vijanden waren. Zo kan vriendelijkheid een krachtig getuigenis worden van de veranderende werking van Christus in een mensenleven.
-
163
Vrede met alle mensen | Romeinen 12:18
‘Leef, zo mogelijk, voor zover het van u afhangt, in vrede met alle mensen.’ Paulus spreekt realistisch over relaties. Vrede is niet altijd mogelijk, maar een christen mag er alles aan doen om verzoening na te streven. Niet uit zwakte, maar uit liefde voor God en de ander. Tegelijk mag vrede nooit ten koste gaan van waarheid en heiligheid. Gods wijsheid leert ons beide vast te houden.
-
162
Thuis in Christus | Romeinen 12:19
‘Wreek uzelf niet, geliefden.’ Wanneer ons onrecht wordt aangedaan, willen we van nature terugslaan. Toch roept Gods Woord ons op het oordeel aan Hem over te laten. De Heere ziet alles en zal volmaakt recht doen. Dat bevrijdt ons van de last om zelf rechter te zijn. In plaats van verbittering mogen we leren vertrouwen op Gods rechtvaardigheid en rusten in Zijn wijze bestuur.
-
161
Wees eensgezind | Romeinen 12:16
‘Wees eensgezind onder elkaar.’ Christelijke eenheid betekent niet dat iedereen hetzelfde is, maar dat allen verbonden zijn in Christus. Verschillende achtergronden, gaven en meningen hoeven geen bedreiging te vormen voor die eenheid. Juist het evangelie geeft ruimte om elkaar vast te houden in wat werkelijk belangrijk is. Waar Christus wordt gekend als de Weg, de Waarheid en het Leven, groeit een gemeenschap van liefde en vrede.
-
160
Wees samen blij | Romeinen 12:15
‘Verblijd u met hen die blij zijn, en huil met hen die huilen.’ Christelijke liefde blijft niet op afstand staan. Zij deelt in het leven van anderen, zowel in hun vreugde als in hun verdriet. Dat vraagt aandacht, bewogenheid en zelfverloochening. De Heere gebruikt zulke eenvoudige blijken van medeleven om Zijn troost en goedheid zichtbaar te maken. Wie met anderen meeleeft, weerspiegelt iets van het hart van Christus.
-
159
Heilig enthousiasme | Romeinen 12:11
‘Wees vurig van geest. Dien de Heere.’ Het christelijk leven is meer dan plichtsbesef alleen. Paulus roept op tot een hartelijke en toegewijde dienst aan God. Geestelijke ijver ontstaat niet uit menselijke energie, maar uit verwondering over Gods genade. Wie de goedheid van Christus voor ogen houdt, ontvangt nieuwe moed om Hem te dienen. Zo blijft het vuur branden, ook wanneer de omstandigheden zwaar zijn.
-
158
Broederlijke liefde | Romeinen 12:10
‘Heb elkaar hartelijk lief met broederlijke liefde.’ In Gods gezin zijn gelovigen aan elkaar gegeven. Broederlijke liefde zoekt niet de eigen eer, maar die van de ander. Ze is bereid te dienen, te verdragen en te bemoedigen. Waar Christus centraal staat, ontstaat een gemeenschap waarin mensen elkaar hoger achten dan zichzelf. Zo wordt zichtbaar dat Gods liefde niet alleen wordt beleden, maar ook daadwerkelijk wordt geleefd.
-
157
Geen neutraal terrein | Romeinen 12:9
‘Heb een afkeer van het kwade en houd vast aan het goede.’ Liefde en heiligheid kunnen niet van elkaar worden losgemaakt. Wie het goede liefheeft, leert ook het kwaad verwerpen. Paulus roept op tot een liefde die niet flirt met de zonde, maar zich hecht aan wat God behaagt. Ware liefde verblijdt zich niet over ongerechtigheid. Ze zoekt het goede, omdat zij geworteld is in de liefde van Christus Zelf.
-
156
Oprechte christelijke liefde | Romeinen 12:9
‘Laat de liefde ongeveinsd zijn.’ Ware christelijke liefde gaat dieper dan vriendelijke woorden of beleefde omgangsvormen. Zij komt voort uit een hart dat oprecht bewogen is met de ander. Liefde die alleen zichtbaar is aan de buitenkant houdt geen stand. Wie ziet op Christus, die Zijn liefde tot het uiterste bewees, leert iets van diezelfde oprechtheid. Zijn liefde vormt ons hart en maakt onze woorden geloofwaardig.
-
155
Geschenken van boven | Romeinen 12:4-6
‘Wij hebben genadegaven, onderscheiden naar de genade die ons is gegeven.’ Geestelijke gaven zijn geen middel tot zelfverheffing, maar geschenken van God voor het welzijn van Zijn gemeente. In nederigheid mogen we ontvangen wat Hij geeft en gebruiken wat Hij toevertrouwt. Wanneer liefde, dienstbaarheid en afhankelijkheid de toon zetten, bouwt Christus Zijn lichaam op. Zo worden Gods gaven zichtbaar tot Zijn eer en tot zegen van anderen.
-
154
Alleen samen zijn we thuis | Romeinen 12:4-5
‘Wij zijn één lichaam in Christus.’ De gemeente is meer dan een verzameling mensen; zij is een lichaam waarvan ieder lid een plaats en taak heeft ontvangen. Niemand kan het alleen. We hebben elkaar nodig in gebed, gemeenschap, dienst en aanbidding. Waar Gods kinderen samenkomen onder het gezag van Christus, ontstaat iets van de warmte van een geestelijk thuis. Alleen samen zijn we thuis.
-
153
Een goed zelfbeeld | Romeinen 12:3
‘Laat hij denken in bescheidenheid.’ Het evangelie bevrijdt zowel van zelfverheffing als van zelfverachting. Onze waarde ligt niet in wat wij presteren, maar in wat Christus voor ons heeft gedaan. Aan het kruis verdwijnen alle vergelijkingen met anderen. Daar leren we nederigheid én zekerheid. Wie leeft vanuit Gods genade hoeft zichzelf niet groter of kleiner te maken, maar mag zijn gaven dankbaar gebruiken tot dienst van anderen.
-
152
Vernieuwd in je denken | Romeinen 12:2
‘Word veranderd door de vernieuwing van uw gezindheid.’ De Heilige Geest gebruikt Gods Woord om ons denken te hervormen en ons hart te richten op Gods wil. Stap voor stap leert een gelovige anders kijken, anders kiezen en anders leven. Terwijl de wereld probeert haar stempel op ons te drukken, werkt God aan een diepgaande verandering van binnenuit. Zijn wijsheid leidt uiteindelijk tot vrede en vreugde.
-
151
Toewijding gevraagd | Romeinen 12:1
‘Uw lichamen aan God te wijden als een levend offer.’ Paulus doet deze oproep niet op grond van menselijke inzet, maar ‘door de ontfermingen van God’. Zijn genade vraagt om een antwoord van volledige toewijding. Alles wat we zijn en hebben behoort Hem toe. Niet om Zijn liefde te verdienen, maar omdat we die in Christus al hebben ontvangen. Het christenleven kent geen halve maatregelen, maar een hart dat zich geheel aan Hem geeft.
-
150
De stad van de mens | Openbaring 18:4-5
‘Ga uit haar weg, Mijn volk.’ Babylon verbeeldt een wereld die leeft in opstand tegen God en mensen verleidt om Hem te vergeten. Te midden van die werkelijkheid roept de Heere Zijn volk om zout en licht te zijn. Wij leven in deze wereld, maar horen haar niet toe. Terwijl de stad van de mens voorbijgaat, blijft Gods Koninkrijk bestaan. Daarom richten we onze hoop op Christus en Zijn overwinning.
-
149
Rouw is een realiteit | Johannes 11:33-35
‘Jezus weende.’ De Heere kent de pijn van verlies niet alleen van buitenaf, maar uit eigen ervaring. Aan het graf van Lazarus deelt Hij in het verdriet van de rouwenden. Voor Gods kinderen is de dood niet het einde, maar dat neemt het gemis niet weg. Daarom kunnen verdriet en hoop naast elkaar bestaan. In onze rouw zien we op Christus, de Opstanding en het Leven.
-
148
Mijn tijden zijn in Uw hand | Psalm 31:15-17
‘Mijn tijden zijn in Uw hand.’ David spreekt deze woorden midden in onzekerheid en nood. Zijn omstandigheden veranderen, maar Gods trouw blijft onveranderlijk. Ook wij kennen dagen van verwarring, verlies en bezorgdheid. Toch hoeven we niet overgeleverd te zijn aan angst of toeval. Onze tijden, onze zorgen en onze toekomst rusten veilig in de hand van een liefdevolle Vader die voor Zijn kinderen zorgt.
-
147
De wil van de Vader | Hebreeën 10:7
‘Zie, Ik kom om Uw wil te doen, o God.’ Vanaf het begin staat het leven van Jezus volledig in het teken van de wil van Zijn Vader. In volmaakte gehoorzaamheid vervult Hij Gods heilsplan en draagt Hij de straf die wij verdienden. Omdat Christus gehoorzaam was tot in de dood, mogen wij leven in vergeving en genade. Vanuit die zekerheid leren ook wij met vreugde Gods wil te zoeken.
-
146
Een open oor, een gewillig hart | Handelingen 9:11
‘Zie, hier ben ik, Heere.’ Ananias is geen bekende naam, maar zijn leven wordt gekenmerkt door een open oor voor Gods stem en een gewillig hart om te gehoorzamen. Ondanks zijn angst gaat hij naar Saulus, vertrouwend op Gods woord. De Heere gebruikt gewone mensen die bereid zijn te luisteren en te handelen. Trouwe gehoorzaamheid blijft nooit onopgemerkt bij Hem die alles ziet en bestuurt.
-
145
Recht, goedertierenheid en ootmoed | Micha 6:8
‘Wat vraagt de HEERE van u?’ Recht doen, goedertierenheid liefhebben en ootmoedig wandelen met God zijn geen weg om Zijn gunst te verdienen, maar vrucht van Zijn genade. Wie het evangelie heeft leren kennen, verlangt ernaar te leven naar Gods wil. In afhankelijkheid van Hem mogen we streven naar eerlijkheid, barmhartigheid en nederigheid, terwijl we rusten in de genade van Christus alleen.
-
144
Leg de puzzel | Johannes 5:39-40
‘De Schriften zijn het die van Mij getuigen.’ Het is mogelijk veel van de Bijbel te weten en toch het grote geheel te missen. Alle woorden van de Schrift wijzen uiteindelijk naar Christus. Losse stukjes kennis geven geen leven, maar de Geest gebruikt Gods Woord om ons tot Hem te brengen. Wie de Bijbel leest met geloof en verwachting, ontdekt steeds opnieuw de Zaligmaker die daarin wordt geopenbaard.
-
143
De vraag van Gideon | Richteren 6:12-13
‘Als de HEERE met ons is, waarom is dit alles ons dan overkomen?’ Gideon spreekt een vraag uit die velen herkennen. Toch antwoordt God niet met verklaringen, maar met Zijn aanwezigheid. ‘De HEERE is met u.’ Juist wanneer Gideon zijn eigen zwakheid ziet, leert hij vertrouwen op Gods kracht. Beproevingen en Gods nabijheid sluiten elkaar niet uit. Zijn belofte blijft voldoende voor elke roeping die Hij geeft.
-
142
Het is aan God om wraak te nemen | Mattheüs 5:38-39
‘Keer hem ook de andere toe.’ Jezus roept Zijn volgelingen niet op om onrecht goed te praten, maar om de vergelding aan God over te laten. De andere wang toekeren vraagt vertrouwen dat de Heere rechtvaardig oordeelt. Uiteindelijk zal Hij Zelf alle dingen rechtzetten. Daarom hoeft een christen het kwaad niet met kwaad te beantwoorden, maar mag hij rusten in Gods volmaakte recht.
-
141
Wees eerlijk tegen jezelf | Psalm 32:2
‘Welzalig de mens wie de HEERE de ongerechtigheid niet toerekent.’ Ware vreugde begint met eerlijkheid. Gods Woord legt ons hart bloot en ontneemt elke illusie van eigen gerechtigheid. Toch klinkt juist daar het bevrijdende evangelie: onze zonden zijn toegerekend aan Christus. Wie ophoudt zichzelf te bedriegen en zijn schuld belijdt, ontdekt de diepe vreugde van vergeving en rust in Gods overvloedige genade.
-
140
-
139
Geschapen om te stralen | Filippenzen 2:14-15
‘U schijnt als lichten in de wereld.’ Wie door Christus is verlost, mag leven vanuit de vreugde van het evangelie. Onze positie voor de Vader rust niet op eigen prestaties, maar op Christus’ gerechtigheid. Daarom hoeft gemopper niet langer de boventoon te voeren. Wanneer Gods genade het hart vervult, ontstaat blijdschap en tevredenheid. Dan weerspiegelt een leven iets van het licht van Christus in een donkere wereld.
-
138
Een nalatenschap | 2 Timotheüs 4:5
‘Vervul uw dienstwerk ten volle.’ Paulus schrijft als iemand die weet dat zijn heengaan nabij is. Hij wijst op levens die een erfenis van trouw nalieten en op anderen die bekendstaan om ontrouw en verzet tegen het evangelie. Ook wij bouwen dagelijks aan onze nalatenschap. Door kleine daden van gehoorzaamheid, liefde en volharding kan de aangename geur van Christus achterblijven en heenwijzen naar Hem.
-
137
Zal Hij vruchten vinden? | Markus 11:13-14
‘Wie in Mij blijft, en Ik in hem, die draagt veel vrucht.’ De verdorde vijgenboom is een ernstige waarschuwing tegen godsdienst zonder leven. Uiterlijke vormen kunnen indrukwekkend lijken, maar God zoekt vrucht die voortkomt uit een levende relatie met Christus. Wettische inspanning kan het hart niet verzadigen. Alleen wie verbonden blijft met de ware Wijnstok zal de vrucht dragen waarnaar de Heere zoekt.
-
136
De last van de profeet | Habakuk 1:1
‘Hier is God aan het woord!’ Habakuk ontleent zijn gezag niet aan wie hij is, maar aan de boodschap die hij draagt. Als een last rust Gods Woord op zijn schouders, opdat hij Gods wijsheid en plannen bekendmaakt. Ook vandaag blijft de boodschapper op de achtergrond en staat de boodschap centraal. Waar Gods waarheid wordt doorgegeven, klinkt een stem die groter is dan de mens zelf en gevolgen heeft voor de eeuwigheid.
-
135
We laten het evangelie nooit achter ons | Kolossenzen 1:21-23
‘Voorheen vervreemd … nu ook verzoend.’ Het evangelie vertelt de waarheid over ons hart: wij waren ver van God verwijderd en konden die afstand zelf niet overbruggen. Maar Christus kwam om te doen wat wij nooit konden doen. ‘We waren dood, maar zijn levend gemaakt met Christus.’ Daarom rust het christenleven niet op goede voornemens, maar op genade van begin tot eind. Wie eerlijk zijn zonde belijdt en terugkeert naar het kruis, zal opnieuw verwonderd raken door ‘de hoop van het Evangelie’.
-
134
Lege netten | Johannes 21:5-6
‘Zonder Mij kunt u niets doen.’ De lege netten van de discipelen laten zien hoe afhankelijk wij van Christus zijn, zelfs in de dingen waarin wij ervaren menen te zijn. Jezus confronteert hen met hun gebrek, maar laat hen niet achter in hun armoede. ‘Werp het net uit … en u zult vinden.’ Waar Hij ingrijpt, schenkt Hij overvloed. Hij vult lege handen met Zijn goedheid en nodigt vermoeide mensen aan Zijn tafel, om onderweg gevoed en versterkt te worden door Zijn genade.
-
133
De betekenis van het kruis | Romeinen 3:26
‘Hijzelf [is] rechtvaardig én rechtvaardigt degene die uit het geloof in Jezus is.’ Aan het kruis ontmoeten Gods gerechtigheid en genade elkaar. Christus droeg het oordeel dat wij verdienen, zodat zondaren vergeving en vrede met God kunnen ontvangen. ‘Hij heeft het leven geleefd dat ik niet kon leven. Hij is in mijn plaats gestorven.’ Daarom hoeft wie in Hem is niet langer onder veroordeling te leven, maar mag hij zich verwonderen over de liefde die God aan het kruis openbaar maakte.
-
132
Ruzie en verdeeldheid | Judas 1:17-19
‘Zij zijn het die scheuringen veroorzaken.’ Judas waarschuwt de gemeente voor verborgen klippen: mensen die Gods volk misleiden en verdeeldheid zaaien terwijl zij ‘naar hun eigen begeerten wandelen’. Toch klinkt naast die waarschuwing ook een roeping tot zachtmoedige trouw. ‘Ontferm u over hen die twijfelen’ en ‘red anderen door hen uit het vuur te rukken.’ Wie zichzelf bewaart in de liefde van God en volhardt in gebed, zal leren standhouden zonder hardheid, waakzaam zonder liefde te verliezen.
-
131
Strijd tegen geestelijke luiheid | Spreuken 24:33-34
‘Nu is het de tijd van het welbehagen, zie, nu is het de dag van het heil!’ Geestelijke luiheid groeit vaak ongemerkt, terwijl ijver ontbreekt in het zoeken van God. ‘Een beetje slapen, een beetje sluimeren’ kan leiden tot geestelijke armoede en onafgemaakte voornemens. Daarom klinkt de oproep om te volharden, het Woord niet alleen te horen maar ook te doen, en te vluchten naar Christus. Bid dat Hij het vuur in je hart aanwakkert, zodat je vandaag bruikbaar bent in Zijn dienst.
-
130
Gods onveranderlijke Woord | Hebreeën 11:17-18
‘God zal Zijn deel doen, dus ik kan doen wat Hij mij opdraagt.’ Wanneer omstandigheden Gods beloften lijken tegen te spreken, leert Abraham ons wat volhardend geloof is. Hij gehoorzaamt zelfs wanneer Izak geofferd moet worden, vertrouwend dat God Zijn woord niet breekt. ‘Als wij ons neergebogen hebben, zullen wij bij jullie terugkeren.’ Eeuwen later stond Gods eigen Zoon op uit het graf als het beslissende bewijs dat de Heere al Zijn beloften vervult. Daarom mogen wij verdergaan met vertrouwen, hoop en gebed.
-
129
Bereid je voor op de dood | Johannes 11:21-26
‘Ik ben de Opstanding en het Leven; wie in Mij gelooft, zal leven, ook al was hij gestorven.’ In een wereld waarin de dood zeker is en de dag van morgen onbekend blijft, richt Jezus onze blik op Zichzelf. Zijn woorden aan Martha brengen rust midden in verdriet en leren ons hoe we sterven onder ogen mogen zien. ‘De dood is slechts een overgang van het ene levensrijk naar het andere.’ Daarom mogen gelovigen leven – en anderen troosten – met stille zekerheid: ‘Ja, dat geloven we.’
-
128
Werp al je zorgen op Hem | 1 Petrus 5:6-7
‘Werp al uw zorgen op Hem.’ Petrus roept ons niet op om bezorgdheid te ontkennen of ervoor weg te lopen, maar om onze lasten bewust neer te leggen bij God. Dat vraagt nederigheid: het loslaten van de drang om zelf de controle te houden. Wie zijn zorgen op de Heere werpt, belijdt dat de Vader beter weet en beter zorgt dan wijzelf ooit kunnen. Midden in onrust en vermoeidheid blijft Zijn uitnodiging klinken: leg je last in Zijn liefdevolle handen en vind rust bij Hem.
-
127
Ik wil zien! | Markus 10:47-49
‘Jezus stond stil.’ Terwijl de menigte Bartimeüs het zwijgen probeert op te leggen, hoort Christus de roep van de blinde bedelaar en roept Hij hem bij Zich. Waar anderen slechts een hinderlijke lastpost zien, ziet Jezus iemand die ontferming nodig heeft. Ook wij kunnen ongemerkt mensen negeren of op afstand houden, terwijl Christus zegt: ‘Roep hem.’ Hij opent nog altijd blinde ogen en gebruikt Zijn volk om anderen vol moed tot Hem te brengen.
-
126
De vervreemding is gekruisigd | Efeze 2:1-2
‘Buiten Christus zijn we dood in onze overtredingen en zonden.’ De diepste nood van de mens is niet alleen maatschappelijk of persoonlijk, maar geestelijk: vervreemding van God. Vanuit die breuk ontstaan ook scheidsmuren tussen mensen. Onderwijs en wetten kunnen veel betekenen, maar alleen Christus kan werkelijk leven geven en vijandschap verbreken. In Hem bouwt God een nieuw volk waarin muren worden afgebroken en iets zichtbaar wordt van Zijn komende koninkrijk – een voorsmaak van de dag waarop alle verdriet en verdeeldheid voorgoed zullen verdwijnen.
-
125
Gods koninkrijk binnengaan | Johannes 3:5
‘Er is een koninkrijk en Ik ben de Koning.’ Jezus verkondigde overal het goede nieuws van Gods koninkrijk en maakte duidelijk dat niemand het kan binnengaan zonder opnieuw geboren te worden door de Geest. Tegen Nicodemus zegt Hij dat niet afkomst, kennis of godsdienstigheid redden, maar Gods wonderlijke werk in het hart. Daarom bidden christenen: ‘Uw koninkrijk kome’ – met verlangen dat verlorenen worden overgebracht uit de duisternis naar het koninkrijk van de Zoon van Gods liefde.
-
124
Overweldigende genade | Efeze 1:7-8
‘In Hem hebben wij de verlossing, door Zijn bloed.’ Zoals het bloed van het paaslam Israël beschermde tegen het oordeel, zo heeft Christus Zich gegeven als het grote Paschalam voor zondaren. Hij kwam niet om ons te leren onszelf te redden, maar om te doen wat wij niet konden: de prijs van onze verlossing betalen. Gods genade is daarom geen karige gift, maar ‘de rijkdom van Zijn genade, die Hij ons overvloedig geschonken heeft’. Genade op genade zal blijven stromen, nu en tot in eeuwigheid.
-
123
Welkom aan Zijn tafel | Ruth 2:14
‘Hier ben je welkom.’ Wanneer Boaz Ruth uitnodigt aan zijn tafel, overbrugt hij de kloof tussen isolatie en aanvaarding. De vreemdelinge uit Moab ontvangt niet alleen voedsel, maar ook bescherming, vriendelijkheid en een plaats tussen Gods volk. Zo weerspiegelt Boaz iets van Christus, die zondaars welkom heet aan Zijn tafel. Wie zelf Gods verbondsliefde heeft ontvangen, wordt geroepen om anderen niet buiten te sluiten, maar met open armen te ontvangen in de naam van de Heere.
-
122
Wat een genade! | Ruth 2:10
‘Waarom heb ik genade gevonden in uw ogen?’ Ruth werkt trouw en volhardend, zonder aanspraak te maken op erkenning of beloning. Daarom ontvangt zij de goedheid van Boaz met verwondering en dankbaarheid. Nederigheid en dankbaarheid horen immers bij elkaar. In Boaz’ zorg schittert iets van Christus, die het levende Water en het Brood van het leven is. Wie beseft niets verdiend te hebben, zal telkens opnieuw verwonderd zijn dat God omziet naar zondaren en hen zegent uit genade alleen.
-
121
De HEERE zij met u! | Ruth 2:4
‘De HEERE zij met u.’ In de eenvoudige begroeting van Boaz klinkt een leven door dat doortrokken is van Gods tegenwoordigheid. Hij noemt Gods Naam met eerbied en wenst anderen Zijn zegen toe. Voor Boaz bestaat er geen scheiding tussen het heilige en het gewone leven. Ook wij worden geroepen om zo te leven – thuis, op het werk en in onze gesprekken. Wie dicht bij God leeft, zal Zijn nabijheid niet verzwijgen, maar in woorden en wandel iets weerspiegelen van Zijn vrede en zegen.
-
120
Het wandtapijt van Gods voorzienigheid | Ruth 2:3-4
‘Er bestaan geen toevalligheden.’ Wat voor Ruth en Naomi leek op een reeks gewone gebeurtenissen – een akker, een ontmoeting, een handvol aren – bleek onderdeel van Gods grote heilsplan. Achter de rafelranden van verlies en onzekerheid werkte Hij stil en zorgvuldig door. Wat voor ons een warboel van knopen lijkt, is slechts de achterkant van het wandkleed dat God weeft. Op een dag zal zichtbaar worden hoe zelfs de donkere draden dienden tot Zijn goede en heerlijke ontwerp.
-
119
Sta op en ga door | Ruth 2:2
‘Dit is de dag die God jou heeft gegeven.’ Ruth blijft niet passief wachten, maar staat op en gaat aan het werk, vertrouwend op Gods voorzienigheid in de gewone gang van het leven. Ze gebruikt het verstand en de mogelijkheden die God haar geeft, terwijl ze verwacht dat Hij zal voorzien. Zo leert haar voorbeeld ons om niet op eigen kracht te steunen, maar wel trouw te handelen in wat voor ons ligt. God rolt Zijn plannen stap voor stap uit en geeft elke dag wat nodig is.
-
118
Een theologie van verdriet | Ruth 1:20
‘De Almachtige heeft mij grote bitterheid aangedaan.’ Naomi verbergt haar verdriet niet wanneer zij terugkeert naar Bethlehem. Midden in verlies en onbeantwoorde vragen blijft zij toch spreken over God als Shaddai – de Almachtige die voorziet en beschermt. Haar eerlijkheid laat zien dat geloof het lijden niet ontkent, maar ermee vlucht tot God. Terwijl de oogst weer binnengehaald wordt in Bethlehem, breekt voorzichtig een straal van hoop door. De God die Naomi droeg, blijft ook vandaag Zijn kinderen vasthouden in de duisternis.
-
117
De God van het alledaagse | Ruth 1:22
‘Ik ken jou.’ Het verhaal van Ruth en Naomi laat zien dat Gods voorzienigheid zichtbaar wordt in de gewone gang van het leven — in gerstvelden, dagelijkse maaltijden en zelfs midden in menselijke dwaasheid en verdriet. Wij denken vaak dat God alleen werkt in het spectaculaire, maar Zijn trouw schittert juist in het alledaagse. Hij weet, Hij onderhoudt en Hij voorziet. Zoals Hij zorgde voor Naomi en Ruth, zo houdt Hij ook vandaag Zijn oog gericht op Zijn kinderen.
-
116
Je moet kiezen | Ruth 1:16
‘Waar U heen gaat, zal ik ook gaan.’ Ruth laat het vertrouwde achter en kiest ervoor Naomi te volgen naar Bethlehem — niet uit zekerheid, maar omdat de God van Naomi haar God geworden is. Haar keuze wijst heen naar de dagelijkse roep van Christus: volgen wij Hem of keren wij terug naar het oude leven? In grote en kleine beslissingen laat discipelschap zich zien. De weg van navolging vraagt offers, maar leidt tot het ware leven in Christus.
We're indexing this podcast's transcripts for the first time — this can take a minute or two. We'll show results as soon as they're ready.
No matches for "" in this podcast's transcripts.
No topics indexed yet for this podcast.
Loading reviews...
ABOUT THIS SHOW
‘Leven in overvloed’ is een dagboek met korte, bijbelgetrouwe overdenkingen die helpen om elke dag gericht te blijven op Gods genade en trouw. In heldere woorden wijst Alistair Begg de weg naar het evangelie en naar een leven van geloof in het alledaagse.Een betrouwbare en bemoedigende gids voor wie dagelijks wil lezen, nadenken en groeien.
HOSTED BY
Geloofstoerusting
CATEGORIES
Loading similar podcasts...